Dop de boontjes, snij deze door de midden en kook ze vervolgens gaar. Ongeveer 6 à 7 minuten (afhankelijk van hoe je een gekookt ei het liefste eet) voor einde van de kooktijd de eieren bij de bonen doen en deze mee laten koken.
Verhit wat olie in een pan en fruit de ui op een laag
vuurtje. Zodra de ui een beetje zacht is, voeg je de Chinese kool toe en bak je
deze even mee. Doe hier vervolgens de bamboescheuten (eerst uit laten lekken) en
taugé bij om dit te verhitten. Nu kunnen ook de gekookte bonen erbij, samen met
een kwart tot een half blik kokosmelk (de groenten moeten goed nat zijn).
Verkruimel het halve bouillonblokje boven de pan en roer het geheel goed door
elkaar.
Ondertussen verhit je in een steelpan wat kokosmelk,
water en enkele scheppen pindakaas. Voeg naar smaak ketjap en sambal aan toe en
roer het geheel door elkaar tot het een substantie van pindasaus heeft. Wij
hebben hier geen hoeveelheden voor afgemeten maar gewoon op gevoel alles bij
elkaar gegooid, dus dit is gewoon een kwestie van proberen en proeven! Mocht de
saus te dun zijn, voeg je er wat pindakaas aan toe en is hij te dik, dan giet
je er nog wat kokosmelk of water bij.
Serveer de groenten samen met een gekookt eitje en
eventueel wat gekookte (zilvervlies)rijst en maak het geheel af met de
heerlijke zelfgemaakte pindasaus!

Geen opmerkingen:
Een reactie posten